Opgravingen Toetanchamon 1917

Toetanchamon leefde ongeveer 3300 jaar geleden. Hij was een kindfarao, die op 9-jarige leeftijd al koning van Egypte werd. Omdat hij nog zo jong was, was hij nog niet in staat om het land te regeren. Dit werk werd dan ook door twee hoge ambtenaren gedaan. Rond zijn 18e levensjaar stierf hij, al wordt er nog over getwijfeld waarom en hoe. Sommigen zeggen dat hij door malaria om het leven kwam. Toetanchamon leefde dus helemaal niet lang, waardoor hij geen belangrijke gebeurtenissen en zaken kon maken en achterlaten om later herinnerd te worden. Toch is hij tegenwoordig de meest bekende heerser van Egypte, dankzij de opgravingen van zijn graf door Howard Carter en Lord Carnarvon.

In 1917 begon de Engelsman Howard Carter met het zoeken naar het graf van Toetanchamon. Een rijke Engelsman, Lord Carnarvon, vond Egypte een geweldig land en maakte de opgravingen mogelijk door geld te doneren. Het graven begon in de Vallei der Koningen, aan de westkust van de Nijl. Daar lagen de graven van de ongeveer 40 laatste farao’s. Al veel van deze graven waren geplunderd, voor de kostbare en bijzondere spullen die erin lagen. Alleen was het nog nooit gelukt om het graf van Toetanchamon te vinden, maar Carter had er veel vertrouwen in dat het hem ooit zou lukken. De dure zoektocht naar het graf bracht na jaren niets op en daarom stopte Lord Carnarvon met deze zoektocht. Maar Carter hield vol en na een lange tijd ontdekte hij het graf onder die van Ramses VI.

Hij duidde op een trap die leidde naar een zware stenen deur, nog verzegeld met klei van de Nijl. Dit was nog niet eerder gevonden in de Vallei der Koningen tot dan toe. Carter wilde samen met zijn vriend Lord Carnarvon, die een fortuin aan de opgravingen had uitgegeven en met wie Carter heel veel had meegemaakt, verder gaan. Ze moesten erg voorzichtig zijn voor eventuele giftige gassen die in het graf opgesloten waren geweest voor duizenden jaren. Toen ze hadden vastgesteld dat het veilig was maakten ze het gat in de deur groter en binnen ontdekten ze iets waar ze perplex van stonden: gouden meubelen, kostbaar hout en het rook er naar zalven en oliën. En dit was nog maar de voorkamer.

Het duurde maanden voordat ze de tot nu toe gevonden voorwerpen veilig hadden gesteld. Na deze maanden van zwoegen konden ze eindelijk doorgaan naar de grafkamer van Toetanchamon. Eerst kwamen ze nog in een aanliggend schatkamertje. Hier stond een beeld van de Egyptische god Anubis, bekent om zijn jakhalzenhoofd, waarvan ze dachten dat hij de ingang moest bewaken. Carter en Carnarvon kwamen verder nog canopen, potten waar de ingewanden van Toetanchamon inzaten die uit zijn lichaam waren gehaald tijdens de mummificatie, en twee foetussen tegen. De foetussen waren ook gemummificeerd en waarschijnlijk waren dit zijn kinderen.

Ondertussen had Lord Carnarvon hoge koorts gekregen. Het bleek dat hij door een muggenbeet geïnfecteerd was en daar uiteindelijk aan stierf. Er wordt gezegd dat dit door de vloek van de farao kwam. Deze stond ook op Toetanchamon zijn graf en luidde zo: ‘Wie de slaap van de farao verstoord, zal worden aangeraakt door de vleugels van de dood.’

Ondanks de dood van zijn goede vriend, ging Howard Carter verder met zijn onderzoek. En, toen ze eindelijk een toegang hadden gevonden tot de grafkamer, overweldigde oogverblindend licht hem en zijn medecollega’s. Nog nooit had Carter zo’n mooie grafkist gezien. Het was een beeld van de jonge farao, die een groot deel gemaakt was van goud. Hij had twee Koninklijke tekens van waardigheid vast: de scepter en zweep. En twee waardigheden op zijn hoofd: de cobra en gier.

Het beroemde en indrukwekkende dodenmasker van Toetanchamon is te bewonderen in het Egyptisch Museum in Caïro en ook de Vallei der Koningen is open voor toeristen!

toetanchamon-howard-carter.large.jpg